In de Tweede Kamer zitten sinds de laatste verkiezingen heel veel nieuwe Kamerleden. Dat geldt ook voor de commissie van sociale zaken en werkgelegenheid, die morgen debatteert over de Participatiewet. Ieder(in) zet in een brief aan de commissie daarom nog eens op een rij waarom de Participatiewet niet passend is voor mensen met een beperking.
Jonge man met halflang haar en een baardje, zit aan een houten tafel. Hij kijkt bezorgd. Op de tafel liggen papieren en een telefoon waarop de rekenmachine app is geopend. In de achtergrond staan een boekenkast en twee kamerplanten.

De Participatiewet is bedoeld om mensen te laten participeren, maar zorgt bij mensen met een beperking of chronische aandoening voor het tegendeel: ze lopen vast. De regels maken het bijna onmogelijk om financieel zelfstandig te worden en belemmeren het aangaan van een relatie en uiteindelijk ook het vormen van een gezin.

In de brief wijst Ieder(in) op drie knelpunten die met spoed opgelost moeten worden

  1. Mensen met een medische urenbeperking kunnen nooit een fatsoenlijk inkomen verdienen. Want voor hen is fulltime werken onmogelijk en het bedrag dat ze mogen bijverdienen is bovendien heel laag (15% van het verdiende loon).
  2. Het opbouwen van een zelfstandig bestaan is bijna onmogelijk voor mensen met een beperking. Vanwege de partnertoets durven mensen met een beperking niet te gaan samenwonen of worden ze volledig afhankelijk van hun partner. De vermogenstoets dwingt mensen om hun vermogen op te eten, ook al kunnen ze niet (volledig) werken.
  3. Bestaanszekerheid hangt ook af van de gemeente waar je woont. De ene gemeente doet veel meer aan inkomensondersteuning en ondersteuning bij het vinden en behouden van werk dan de andere gemeente. Dat is onrechtvaardig voor mensen die op de verkeerde plek wonen.

Deze knelpunten worden in de brief verduidelijkt met ervaringsverhalen.

Lees de gehele brief hieronder.

Deel dit bericht