Vorige week bracht Movisie de jaarlijkse Flitspeiling VN-verdrag Handicap in Gemeenten uit. Het rapport geeft inzicht in hoeveel gemeenten actief zijn met het opstellen en uitvoeren van een Lokale Inclusie Agenda (LIA). Ook is onderzocht of en hoe gemeenten mensen met een beperking en/of hun belangenorganisaties daarbij betrekken. Het rapport is verhelderend en geeft lokale belangenbehartigers een instrument in handen om met hun eigen gemeente het gesprek aan te gaan. 
Illustratie: groep mensen met en zonder (on)zichtbare beperking met elkaar in gesprek.

Wat Ieder(in) betreft kunnen lokale belangenbehartigers en lokale cliëntorganisaties met dit rapport van Movisie binnen hun gemeente het gesprek aangaan met zowel de politiek als het bestuur. Vragen die gesteld kunnen worden zijn bijvoorbeeld: hebben wij meegedaan aan de flitspeiling van Movisie, hoe hebben wij gescoord en hoe blijven of worden wij als lokale belangenbehartigers betrokken bij het vervolg.  

Rapport geeft wisselend beeld 

De resultaten van de peiling zijn wisselend. Vooral wordt duidelijk dat veel gemeenten blijkbaar nog weinig ondernemen om inwoners met een beperking te betrekken bij beleid dat hen aangaat. Daarmee wordt wat Ieder(in) betreft onvoldoende recht gedaan aan de intentie van het VN-verdrag. Zeven jaar na de ratificatie van het VN-verdrag Handicap is een LIA nog steeds geen vanzelfsprekendheid. Dat kan en moet snel beter. 

141 gemeenten deden niet mee 

Spreekt Movisie in het rapport van een goede respons omdat 58,8 % van de gemeenten heeft meegedaan aan de flitspeiling, voor Ieder(in) is dit teleurstellend. Maar liefst 141 gemeenten hebben niet de moeite genomen, waaronder 20 van de 40 grootste gemeenten. Licht positief is dat het aantal gemeenten dat wel mee heeft gedaan is gestegen van 160 naar 201.  

Niets over ons, zonder ons, toch? 

11% van de gemeenten geeft aan dat zij niet samenwerken met inwoners met een beperking terwijl alle gemeenten wel samenwerken met verbanden en organisaties. De vraag is dan ook terecht waarom zij ervoor kiezen om in het ‘professionele circuit’ te blijven hangen en inwoners met een beperking niet actief betrekt, zoals het VN-verdrag Handicap voorschrijft. We vinden dat de Rijksoverheid de actieve participatie van mensen met een beperking moet borgen en faciliteren. Net zoals dit bijvoorbeeld in Denemarken wel het geval is.   

Klein maar actief en inclusief

Dat kleinere gemeenten minder of onvoldoende ambtelijke capaciteit hebben om aan de slag te gaan met de Lokale Inclusie Agenda is deels in de resultaten herkenbaar. Aan de andere kant, er zijn zeker ook kleinere gemeenten die dit wel lukt. Het beste bewijs daarvoor is de gemeente Stein met nog geen 26.000 inwoners die in 2021 de prijs als meest toegankelijke gemeente wist binnen te halen.  

Politiek en bestuur aan zet

Tot slot nog een opvallende uitspraak in het rapport: “Niet de competenties of de uitvoeringscapaciteit zijn het grootste probleem. Het belangrijkste is dat de ambtelijke organisatie echt de wens moet hebben om inclusief te gaan werken.” Deze reactie roept de vraag op wie verantwoordelijk is om aan de slag te gaan met de Lokale Inclusie Agenda. Is dat de ambtelijke organisatie, of is het juist de politiek, de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders? Zij bepalen immers de prioriteiten en zij zetten binnen de ambtelijke organisatie de opdrachten uit. 

Lees hier het volledige rapport.

Deel dit bericht