Leven als een bouwwerk opgetuigd
Als je een beperking hebt, kost het de nodige tijd en energie om je leven op te bouwen met een inkomen (bijvoorbeeld een uitkering) waar je van kan rondkomen, de juiste zorg en ondersteuning, een aangepast huis. Dit alles is stabiel, totdat je wil trouwen of gaan samenwonen. Dan gaat dat zorgvuldig opgetuigde bouwwerk ineens wankelen.
Je bent verliefd en wilt trouwen of samenwonen, en dan?
Je bent de ware tegen het lijf gelopen. Je bent verliefd en je wil voor altijd samen zijn. Maar in plaats van dat het allemaal rozengeur en maneschijn is, wordt de romantiek overschaduwd door allerlei regelingen die samenwonen met je geliefde in de weg staan of zelfs bestraffen.
De overheid bestraft mensen met een beperking die gaan samenwonen door lagere uitkeringen, hogere eigen bijdragen en het stoppen van professionele zorg en ondersteuning. Daardoor worden mensen financieel afhankelijk van hun partner, die ook nog extra taken in zorg en huishouding op zich moet nemen. Dat legt een enorme druk op relaties. Voor sommigen is dit een te hoge prijs voor de liefde, zoals blijkt uit onderstaande liefdesverhalen.
Het liefdesverhaal van Jessy

Als mensen met een uitkering gaan samenwonen, dan kan het zijn dat de uitkering wordt verlaagd. Dit heet de partnertoets. Deze is bedoeld voor mensen in een tijdelijke situatie, maar heeft grote gevolgen voor mensen met een chronische beperking.
Jessy, een vrouw van 36, zegt het volgende over haar wens om te gaan samenwonen en te trouwen:
Het liefdesverhaal van Jennifer
Als iemand met een beperking gaat samenwonen met iemand zonder beperking, besluit de overheid in sommige gevallen dat er minder of geen professionele zorg en ondersteuning meer nodig is. Dat zou de partner kunnen leveren. Dit heeft grote impact op een relatie, zo vertelt Jennifer:
Het liefdesverhaal van Anne
In de Wet langdurige zorg (Wlz) geldt een eigen bijdrage, die inkomensafhankelijk is. Voor Anne (niet haar echte naam), die ernstig hersenletsel overhield als gevolg van een aanrijding op vierjarige leeftijd, betekent dit dat trouwen een inkomensval zou betekenen. Zelf heeft ze een Wajong-uitkering, maar haar partner heeft inkomen uit werk. Als ze zouden trouwen, zou de eigen bijdrage fors omhooggaan, omdat het inkomen van haar partner meetelt voor de berekening ervan. Met de vaste lasten zouden ze de eigen bijdrage niet kunnen betalen. Ook had het geen zin als haar partner meer zou werken. Dan werd de eigen bijdrage nog hoger. Daar viel niet tegenop te werken. Er bleef nog maar één oplossing over: de bruiloft afblazen.
Iedereen moet kunnen samenwonen
Ieder(in) vindt dat iedereen die dat wil moet kunnen samenwonen. Mensen met een beperking hebben net zoveel recht op de liefde als iedereen. Daarvoor moet de partnertoets en de kostendelersnorm voor mensen in de Participatiewet geschrapt worden. Zo wordt het voor mensen met een beperking financieel mogelijk om samen te wonen of een woning te delen. Dat vermindert tegelijk de druk op de woningmarkt.
Daarnaast moeten mensen die een beperking hebben recht blijven houden op professionele zorg en ondersteuning, ook als zij een partner hebben die een deel van deze zorg kan blijven verlenen.
Tot slot moet de eigen bijdrage Wet langdurige zorg (Wlz) verlaagd worden en moeten de plannen voor een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo gestopt worden.
