Vrouwen met een beperking lopen een verhoogd risico op geweld, uitbuiting en misbruik ten opzichte van vrouwen zonder beperking en mannen met een beperking. Dat staat in het vandaag verschenen rapport van het Netwerk VN-Vrouwenverdrag en de Alliantie VN-verdrag Handicap “Dubbel benadeeld”. Vrouwen met een beperking worden vaak dubbel gediscrimineerd, is één van de conclusies. Het rapport baart zorgen. Ieder(in) vindt dat hier meer aandacht voor moet komen.  
Vrouw met lang haar en zwarte trui en spijkerbroek aan in een rolstoel van opzij gezien. Neutraal tot ietwat sombere gezichtsuitdrukking. Zwarte achtergrond.

Dubbel benadeeld 

Het rapport, getiteld “Dubbel benadeeld/Een overzicht van knelpunten en discriminatie van vrouwen en meisjes met een beperking in Nederland vanuit intersectioneel perspectief” is opgesteld door onderzoeker Linda Mans in opdracht van het Netwerk VN-Vrouwenverdrag en de Alliantie VN-verdrag. De bevindingen schetsen een schrijnend beeld van meervoudige discriminatie en ongelijkheid.  

Intersectie van vrouw en handicap 

Intersectionaliteit, ook wel kruispuntdenken genoemd, is een manier om te begrijpen hoe verschillende aspecten van iemands identiteit, zoals migratieachtergrond, huidskleur, gender, seksuele oriëntatie en klasse, samenkomen en unieke vormen van discriminatie en ongelijkheid kunnen creëren. Het gaat dus over meervoudige discriminatie: vrouwen met een beperking ervaren niet alleen discriminatie vanwege hun geslacht, maar ook vanwege hun handicap. Hierdoor hebben zij bijvoorbeeld meer problemen met het vinden van werk, toegang tot gezondheidszorg en sociale voorzieningen dan mannen met een beperking en vrouwen zonder beperking.  

Verhoogd risico op geweld en misbruik 

Daarom is onderzoek doen naar waar vrouwen met een beperking tegenaan lopen, erg belangrijk. Uit het rapport van Mans blijkt dat zij dubbel benadeeld worden. Ze lopen zelfs een verhoogd risico op geweld, uitbuiting en misbruik ten opzichte van vrouwen zonder beperking en mannen met een beperking.  

Dit komt door een combinatie van factoren, zoals dat ze financieel afhankelijk zijn, of afhankelijk van zorg, door stereotypering en gebrek aan toegang tot hulp en ondersteuning. 

61% van de vrouwen met een licht verstandelijke beperking geeft bijvoorbeeld aan seksueel geweld te hebben ervaren. Desondanks wordt het perspectief van vrouwen met een beperking zelden betrokken bij beleidsvorming rondom dit thema. 

Ook is de toegankelijkheid van vrouwenopvang voor vrouwen met een beperking onvoldoende. Er is een gebrek aan toegankelijke locaties en informatie over de (fysieke) toegankelijkheid ontbreekt op de (vaak ontoegankelijke) websites. 

Vrouwen in detentie 

De bevindingen in het rapport van Mans staan niet op zichzelf. Uit een onlangs verschenen rapport van Mariëtte Hamer, regeringscommissaris seksueel geweld en seksueel grensoverschrijdend gedrag, werd bekend dat vrouwen in detentie een groot risico lopen op uitbuiting en seksueel misbruik. Hamer stelt: “Gedetineerden in een vrouweninrichting hebben ook nog bovengemiddeld vaak een licht verstandelijke beperking en traumatische ervaringen, wat ze kwetsbaar maakt voor seksueel grensoverschrijdend gedrag.” 

Financieel afhankelijk 

Uit het rapport van Mans blijkt bovendien dat vrouwen met een beperking vaker dan vrouwen zonder beperking en vaker dan mannen met een beperking geen baan hebben. Daarnaast worden ze gekort op, of verliezen ze hun uitkering als ze gaan samenwonen of trouwen, waardoor ze financieel afhankelijk van hun partner worden. Dit maakt hen kwetsbaar voor geweld in de relatie. Als ze ook nog afhankelijk zijn voor zorg van hun partner, dan wordt dat gevaar nog groter. 

Seksuele en reproductieve gezondheid en rechten 

Het is voor vrouwen en meisjes met een beperking vaak moeilijker om te beslissen over hun seksuele en reproductieve leven dan vrouwen zonder beperking en mannen met een beperking. Dit komt doordat culturele verwachtingen, traditionele familieopvattingen en het gebrek aan juiste ondersteuning hen tegenhouden om hun rechten uit te oefenen.  

De stereotypen over vrouwen en meisjes met een beperking maken dat ze onterecht gezien worden als aseksueel, waardoor ze geacht worden geen wens te hebben tot seksualiteit of het stichten van een gezin. Ook worden ze minder vaak in staat geacht om een goede ouder te kunnen zijn. Aan de andere kant worden vrouwen en meisjes met een beperking juist (onterecht) als hyperseksueel gezien, iets wat niet gepast is en dus ingeperkt moet worden.   

Vrouwen en meisjes met een beperking ontvangen daarom vaak geen, of gebrekkige seksuele voorlichting.  

Positie van vrouwen met een beperking  

Er is een groot gebrek aan data over de positie van mensen met een beperking in Nederland, met name genderspecifieke data. Dit maakt het monitoren van de positie van vrouwen met een beperking onmogelijk. 

Uit internationale studies blijkt dat de positie van vrouwen met een beperking slechter is dan die van mannen met een beperking en vrouwen zonder beperking. Het VN-comité voor het VN-verdrag handicap stelt bijvoorbeeld dat vrouwen met een beperking vaker hun handelingsbekwaamheid wordt ontzegd. 

Als een individu handelingsonbekwaam wordt verklaard, betekent dit dat zij niet langer belangrijke beslissingen over haar eigen leven kan nemen. Ze verliest een deel van haar autonomie en zelfbeschikking en wordt afhankelijk gemaakt van anderen.  

In Nederland wordt echter niet geregistreerd welk gender en beperking mensen hebben die hiermee te maken krijgen. En is het dus ook lastig om inzicht te krijgen in hun positie.  

Aanbevelingen 

Het rapport doet diverse aanbevelingen om de positie van vrouwen met een beperking te verbeteren, waaronder: 

  • Verbeter data over vrouwen en meisjes met een beperking om een beter inzicht te krijgen in hun positie. 
  • Betrek vrouwen met een beperking, via hun vertegenwoordigende organisaties, bij het maken van programma’s en beleid die vrouwen aangaan. 

Het rapport gaat voornamelijk over vrouwen met een beperking, waar mogelijk wordt ook ingegaan op de specifieke positie van trans personen, non-binaire personen en intersekse personen. Over deze groepen is logischerwijs nog minder data beschikbaar.

Je kan het hele rapport hieronder downloaden.

Deel dit bericht